KvdV
Mijn sponsorkindje is overleden. Op een dag ging hij zwemmen in de Ganges toen hij, ik kan het niet heel veel fraaier verwoorden, wegsmolt. Meegenomen door de stroming. In ontelbare deeltjes opgelost. Tegen de tijd dat ik ervan hoorde, was hij al uitgespoeld in de golf van Bengalen. Dan stuurt Oxfam je gewoonlijk een brief. Over wat voor een voorbeeldig toekomstig ict’ertje ons is ontvallen en overig zoetgevooisds. Maar dit keer – het was niet het eerste sponsorkindje – werd ik ook benaderd door BBC India.
Ondanks dat ik mij tegenover de BBC vrij negatief had uitgelaten over mijn kindje – van wederkerigheid was in onze relatie weinig sprake – had de BBC erg met hem te doen. Evenals vele andere media. De beschuldigende vingers wezen unaniem naar een farmaceutisch bedrijf met een lekker allitererende naam, Farma4You. Op landelijke televisie wierpen de eigenaren tegen dat ze ‘ook liever niet hadden dat er mensen stroomafwaarts wonen van waar ze hun gifresten dumpen’. Ze namen veel lokale krachten in loondienst, en hadden nog geprobeerd ‘de milieulasten te verlichten door meerdere vestigingen te openen in het land’. Een kankerargument, om zoveel redenen.
Beide eigenaren van Farma4You werden veroordeeld tot honderd stokslagen, en moesten vervolgens door ene Ishaan, een lange dunne (ict’er) met een korte dikke, in hun oor geneukt worden totdat het tochtte in hun hoofd. Ishaans USB-stick was kort genoeg om geen scheur in het trommelvlies aan te brengen, maar wel dik genoeg om het middenoor met anderhalve centimeter te verwijden waardoor de eigenaren nu eindelijk in staat waren te horen hoe dom iets klinkt terwijl ze het zeggen. Ik bekeek de van commentaar voorziene livestream van de oorpenetratie toen er bij mij een paar ghanti rinkelden. Ik dacht: Is dit niet iets voor Abel Klatser en Floris Feilzer?
Jawel. Abel Klatser en Floris Feilzer, ze klinken als slechteriken in een Donald Duck-verhaal, maar daar zijn het in werkelijkheid veel te eendimensionale figuren voor. Samen zijn ze eigenaar van Fabel Friet, een (stinkend) zaakje dat enkele parallellen kent met Farma4You: kinderarbeid, giftige dampen, een rechtszaak, zogenaamd gedwongen uitbreiding naar vier andere vestigingen vanwege kritiek op de negatieve externaliteiten van de oorspronkelijke vestiging, en daar dan zielig over doen.
Het grote verschil is de media-aandacht. Binnenkort wordt door de rechter besloten of Klatser en Feilzer hun vestiging in de Runstraat mogen houden. Dus dacht Robert Vuijsje: laat ik deze getapte mannen zo goed als een centerfold geven in Het Parool, waar ze alvast de truffelmayovlekken uit hun blazoen kunnen wassen. Geen onverwachte move van Robert Vuijsje, overigens. De man die eruitziet alsof hij alle andere joden waarmee hij onderdook heeft opgegeten, een kneuter die, wanneer hij pensief in de camera kijkt voor zijn auteursportret, lijkt op een precieze mengeling tussen Winnie de Poeh en Iejoor. Een paar weken voor het interview met de heren van Fabel Friet stond Dara Bazelet in de krant. Ik wil hier heus niet beweren dat alle joden zionisten zijn, maar Vuijsje heeft wel een verdachte affiniteit met daders die in de slachtofferrol kruipen.
Afijn, terug naar Feilzer en Klatser, om te beginnen met die laatste. Abel heeft ongeveer evenveel neanderthaler-DNA in zich als alle leerlingen met wie hij op het vmbo-t heeft gezeten bij elkaar. Hij heeft de schedelomtrek van iemand die in Feest van Joop zestienjarigen probeert te vingeren onder de stapel jassen in de hoek. Een fenotype alsof hij van het linkertestikel van Tony Soprano is weggesneden en is geïnjecteerd met experimentele groeihormonen. Nog debieler dan zijn opleidingsniveau is zijn naam: Klatser. Het is net een onomatopee voor het geluid van de flubberige bulgarenkutjes die Klatsers vader na werk moest neuken voordat hij de moed had verzameld om zijn moeder te bezwangeren. Een grap die alleen maar leuker wordt als Klatser aan Vuijsje vertelt dat hij op de Nieuwmarkt is opgegroeid, zo ongeveer het plastic omhulsel van de rode LED-lamp van de hoerenbuurt. Vroeger borg je dit soort figuren op achterin een schoenmakerszaak, waar ze voor hun dertigste overleden aan stoflong of gek werden door alle schoensmeerdampen. Nu duw je ze door de emancipatoire mal van het ministerie van Onderwijs en krijg je dit.
Het had echter nooit zo uit de hand kunnen lopen als Abel Floris niet had ontmoet. Floris, afgaande op zijn voorhoofdomtrek, is ongetwijfeld het brein achter hun operatie. Hij is ook de enige niet-dyslect, en daarom dus in staat geweest de naam Fabel Friet te bedenken. ‘Een samenstelling van onze namen’, ‘dat allitereert lekker’. Naast het baanbrekende idee om kaas op patat te doen, geldt dit als het grootste intellectuele wapenfeit van het duo. Innovatie, daar moeten ze het toch niet van hebben. Hun hele imago drijft op de lange arm van Vuijsje en dat seniele Amsterdamse-branie-recht-voor-je-raap-riedeltje dat eigenlijk alleen aanslaat bij de bots onder Instagramposts van AT5. Klatser kan nog wegkomen als ‘echte Amsterdammer’ met zijn wieg op de Nieuwmarkt. Een rosse buurt, waar hij als Dickensiaans schoffie knikkerde op de straathoek en zat te poeren in churrokots. Floris absoluut niet. Hij begint met typisch HBO’er-tact te dwepen met het feit dat hij is opgegroeid aan de Willemsparkweg. ‘In het huis waar de moeder van zijn vader werd geboren’ nota bene. Cute hoor, Floris, je familiehuisje in Oud-Zuid. Prins Bernhard werd er ook geen minder fanatieke NSB’er op omdat zijn voorouders al generaties lang op landgoed Reckenwalde woonden.
Een ander bewijs voor Floris’ brains-zijn: ‘Ik ben hoogbegaafd, dat is een keer uit een IQ-test gekomen.’ Hier is Floris aan het woord in een interview met NRC uit 2011, waarin hij als 16-jarige zichzelf profileerde als de ‘jongste paparazzo’ van Nederland door in zijn buurt bn’ers te fotograferen. Hij had dus altijd al een neusje voor perversiteit. En voor publiciteit. In hem zit ongeveer evenveel innerlijk conflict als in een IDF-soldaat die met een tuinschaar één voor één de teentjes van een Gazaanse zuigeling afknipt, alvorens deze ondersteboven op te knopen en met een mattenklopper dood te slaan – dit is mijn laatste Israëlgerelateerde grap in dit stuk, beloofd. Van een paparazzo naar een patatboer, die grote delen van UNESCO werelderfgoed laat ruiken naar de ontbijttafel van een Purmerends bijstandsgezin. De rechter weet wat hem te doen staat. Ik pak mijn stok alvast.
KvdV
De omschrijving ‘klein maar fijn’ is op veel van toepassing, maar misschien nog wel het meest op de binnenwereld van Oswin Schneeweisz. Men zegt dan ook: domme mensen zijn gelukkiger. Wegens alle extra raakvlakken is elk gesprek met de supermarktcaissière aangenaam en moeiteloos. Je voelt je niet schuldig en minderwaardig als reparateurs van Liander langskomen om in je kruipruimte te kruipen. Je schrijft daar vervolgens geen tandenknarsend slechte column over in Volkskrant Magazine. Je heet geen Thomas van Luyn.
Waar ‘klein maar fijn’ absoluut niet op van toepassing is, is de buitenwereld. Die zit vol gevaar, zoals Volkskrant Magazine, klimaatverandering of, godbetert, de gebrekkige communicatie van klimaatwetenschappers, zoals Oswin in HP/De Tijd stelt. ‘Ik weet niet hoe het met u zit, maar ik begon net een beetje gewend te raken aan het idee dat we vermoedelijk binnen afzienbare tijd met man en muis kopje onder gaan of bezwijken onder de hittestress. De extreme rampscenario’s zijn er zo vaak ingebeukt dat je wel een hele harde schil moet hebben om er niet in te gaan geloven, dus uiteindelijk ben ik ook overstag gegaan. Ik vertrouw nu eenmaal liever de wetenschap dan de eerste de beste influencer of klimaatontkenner. Dat is iets van mijn generatie, denk ik. Maar nu verwijzen diezelfde wetenschappers, die mij jarenlang hebben gevoed met een fikse portie klimaatangst, hun eigen extreme modellen naar de prullenmand.’
‘Generatie’ is een begrip waar Oswin misschien nog minder van begrijpt dan klimaatmodellen. Mijn oom met wie Oswin het geboortejaar deelt, stuurt mij bijna wekelijks Youtube-essays over hoe een oikofobe Westerse elite vanaf een privé-eiland in de Mexicaanse golf vol minderjarige seksslaafjes de AMOC stillegt. Maar ja, denken dat het luisteren naar wetenschappers uitsluitend iets is voor mensen van Oswins generatie, is dan ook weer iets voor mensen van Oswins generatie, denk ik.
Daarnaast spreekt Oswin zichzelf overduidelijk tegen, want als er iets is dat hij in zijn artikel níét doet, dan is het luisteren naar wetenschappers. De extreme modellen waarover Oswin het heeft, zijn degene waarin de opwarming van de aarde het hoogst en het laagst uitvalt. De laagste, 1,5 graad opwarming, zijn we al gepasseerd, dus is dat model ‘verwezen naar de prullenmand’. De hoogste, 4-6 graden opwarming tegen 2100, stammen van de jaren 2010 toen de wereld er nog heel anders voor stond, legt een hoogleraar milieukunde uit aan Oswin. Sinds 2010 is groene energie spectaculair goedkoop geworden en is uit wetenschappelijk onderzoek gebleken dat Tatjana Almuli toch minder methaanscheten laat dan voorheen geschat. De hoogleraar benadrukt nog dat hij ‘als wetenschapper nu eenmaal een scenario maakt dat het meest plausibel is volgens de huidige data’. Niet die van tien jaar geleden. Maar dat wil er bij Oswin niet echt in, dus vraagt hij vervolgens of ‘al dat gegoochel met data en scenario’s’ niet het publieke vertrouwen in de wetenschap ondermijnt. Dat is alsof je aan iemand vraagt of al dat slappe gelul niet slecht is voor je geloofwaardigheid, zonder dat die persoon gelogen heeft.
Daar dacht ik aan de kern van Oswin Schneeweisz te raken:ondermijning van de wetenschap. Zijn naam klinkt immers als die van een Russische bot, zijn teksten lezen als die van een Russische bot. Maar toen ik zijn biografie las, bleek hij totaal iemand anders. Hij heeft bijvoorbeeld geschreven voor The Moscow Times, een krant zo Poetinkritisch dat de oprichter ervan zijn rug breekt zonder dat het Kremlin hem überhaupt van de rand hoefde te duwen. Ook schrijft hij dus voor HP/De Tijd, is hij hoofdredacteur van ZINGmagazine. (‘Zing!’ is het geluidje dat in Oswins hoofd klinkt als hij weer eens een snedige oneliner bedenkt over jongere generaties.) Verder las ik dat hij columnist is voor De Jagersvereniging, vier boeken heeft gepubliceerd – over respectievelijk jagen, muziek, jagen (alweer) en de wolf in Nederland (waar hij dus blijkbaar nog niet op heeft gejaagd) –, podcasts maakt, muziek componeert en zelfs ‘gespecialiseerd is in natuur en cultuur’ – op zijn auteursfoto zit Oswin in een tuin, dus. De term ‘allround journalist’ is hier niet eens meer van toepassing. Oswin is, zeker als je zijn paddenkop ziet, allround in de puurste zin van het woord.
Maar zoals een renaissanceman betaamt, beschikt Oswin wel degelijk over een vermogen tot zelfrelativering, zo blijkt later in het stuk. ‘Maar terwijl ik deze woorden schrijf [over de recentere klimaatmodellen, red.], meldt de NOS dat de Verenigde Naties zojuist een resolutie hebben aangenomen waarin staat dat het tegengaan van klimaatveranderingen een juridische plicht voor landen is geworden. Verwarring alom dus, qua beeldvorming. Net nu ik recent een elektrisch autootje heb gekocht. Al is dat natuurlijk vooral ook omdat het lekker goedkoop rijden is. Maar zo’n elektrisch karretje geeft toch ook een positieve vibe aan je leven. Al die “kijk-mij-eens-goed-doen-voor-het-klimaat-kilometers” voelen best lekker.’ Verwarring alom, vooral bij Oswin zelf. De VN die een internationale crisis wil verhelpen middels internationaal recht? Well break my harde schil and call me Schneeweisz!
Als de WHO zich dan ook nog tegen de klimaatkwestie aan begint te bemoeien, en klimaatverandering wil typeren als een gezondheidsrisico, dan is Oswins binnenwereld ineens te klein. ‘We zijn toch de lul’, concludeert hij, plots fatalistisch. Een teken, bovendien, dat het echt niet meer zo fijn is daarbinnen. Mijn IQ evenaart inmiddels ook mijn BMI. Net nu ik een lobotomieboor heb gekocht die zoveel positieve vibes aan mijn leven zou kunnen geven. Verwarring alom, nu ook bij mij.
KvdV