De stoelen van de BYD zijn geventileerd. Met een droge anus kijkt u in de achteruitkijkspiegel. Uw moeder, die zo vriendelijk is geweest om u op station Naarden Bussum af te zetten, glimlacht naar u. U bemerkt een brok in uw keel. Het is namelijk de wetenschap dat u die glimlach gaat bedriegen, die dit moment markeert. Door uw hoofd schieten visioenen uit uw nieuwe leven: stiekem reels kijken tijdens college, binnenskamers vapen, lekker achteraan staan bij Sophie Straat. De pijn die u mama hiermee gaat doen, wint het toch niet van de opwinding, beseft u wanneer u de BYD uitzwaait. Uw dikke gooische vingertjes mogen na dit korte treinritje het Amsterdamse sprookjesboek van transgressie en rebellie dan eindelijk openslaan. Jottem!

U komt aan op CS. Op de Zeedijk koopt u van mama’s geld nog snel een shirt waarop staat dat creatievelingen de nieuwe atleten, influencers de nieuwe lantaarnopstekers, of e-sporters de nieuwe scharensliepen zijn, of iets dergelijks. Eerlijk gezegd boeit het u niet zoveel. U heeft namelijk over twintig minuten uw eerste werkgroep. Via de eerste blik die u in de trein op Canvas heeft geworpen, bent u er bovendien achter gekomen dat u die deelt met een enby die Lillith heet en stick-and-pokes van One Piece in hun gezicht heeft. Niet vanwege minder dan het consensueel onderspuiten van dit soort grootstedelijke merkwaardigheid bent u naar Amsterdam gekomen, dus u heeft haast. 

Omhangen met uw nieuwe huid loopt u de faculteit binnen. Het voelt alsof u een langgekoesterde droom bent binnengestapt: driekwartsbroeken en nooit-meer-facisme-stickers zo ver het oog reikt. De geur van revolutionaire potentie en okselzweet hangt in de lucht, precies zoals u had gehoopt. 

Dan een onheilstijding: achter de deur van uw werkgroeplokaal begint u te ontwaken. Lillith blijkt, naast 20 kilo zwaarder dan u had ingeschat, geboren in Dubai en gaat niet in op uw uitnodiging om mee te gaan naar een demonstratie ‘vanwege hun fibromyalgie’. Als u uit wanhoop een compliment maakt over het getatoeëerde doodshoofd boven haar linker wenkbrauw, kijkt ze u schaapachtig aan: ‘in de UAE heeft iedereen zoiets’.  De jongen aan het tafeltje naast u, Tian Xue geheten, vraagt of hij u toe mag voegen op League of Legends. Een meisje merkt op dat u over ‘unc aura’ beschikt, wat u eerst opvat als een compliment over uw volwassen uitstraling, maar wat een beschuldiging van pedofilie blijkt, zo hoort u later. Ondanks het mooie weer wil niemand mee blowen na college. U wil een barricade bouwen maar een studiegenoot wijst u op de eisen die de Omgevingswet daaraan stelt. Aan het einde van het uur smeekt uw docent u om de mee naar huis gegeven opdrachten op zijn minst middels een AI van Europese bodem bij elkaar te frauderen.  

In de WC kijkt u in de spiegel. Amsterdam was een fout, studeren was een fout. U besluit om vanmiddag nog een schommel op de A’DAM toren te reserveren en om, wanneer u het hoogste punt in uw derde zwaaibeweging bereikt, uw veiligheidsgordel los te maken en te pletter te storten op het Overhoeksplein. Onderweg naar buiten schrikt u ineens. Een paneel valt uit het systeemplafond en een bak licht daalt neer uit het ontstane gat. U hoort klaroengeschal en ziet cherubijnen in een sierlijke vlucht afdalen richting een stapel papier die door een gouden gloed wordt omrand. U doet een stap dichterbij en leest twee woorden die uw leven zullen veranderen: Propria Cures. 

U leest een stuk waarin WF zoveel vrouwen tegelijk weet te beledigen dat het geboortecijfer met vier procentpunt daalt. MAJM speelt het klaar om u met één gedicht zodanig te ontroeren dat uw tranen de onderste helft van uw schedel kapoteroderen en uw oogballen verzakken naar uw strottenhoofd. Door uw keelhuid heen leest u een stuk van OM waar u zo hard om moet lachen dat uw slikreflex getriggerd wordt en u pas een etmaal later uw editie boven de WC-pot kunt uitspreiden om de ogen in uw kak te trakteren op een stuk van KvdV, dat zo angstaanjagend scherp is dat u serieus overweegt om door te spoelen. De enige reden dat u uw ogen oppakt, ze terugduwt in uw hoofd, een paar poepresten met een flinke snuif voor een tweede keer in uw darmstelsel brengt, is om de door IS geschreven Bon te lezen, die inmiddels zo abstract is geworden dat hij uit settheoretische formules bestaat. U begrijpt nog net dat u de QR-code moet scannen om een abonnement te nemen. Uw dagoude shirt verpatst u die middag nog op Vinted om de kosten daarvan te dekken.

Voor u was het namelijk meteen helder: PC is de levertraan die altijd al op uw zilveren lepel had moeten liggen maar die uw curlingouders u hebben onthouden. U wist het nog niet, maar alle transgressie die u zocht blijkt al meer dan 136 jaar een onderkomen te hebben bij het oudste studentenblad van Nederland. Uw fout was alleen dat u transgressie als doel op zich heeft, daarom zocht u op de verkeerde plek: wij van PC schoppen alleen tegen schenen uit bittere noodzaak. W.F. Hermans kon zich in de jaren ’60 nog de uitspraak permiteren dat polemiek is als sneeuwruimen: je bestrijdt iets wat uiteindelijk toch wel vergaat. Begrijpelijk, zo’n stelling, want W.F. Hermans hoefde het niet op te nemen tegen Antarctische ijsplateaus die Femke Brockhus, Ushi Cop of Joost Oomen heten: alleen een wittefosforbom als Propria Cures kan die laten smelten, en die taak nemen we bloedserieus. 

De ster van uw levensgeluk is vanuit zijn nadir naar zijn zenit geschoten bij de gedachte dat u zich misschien wel kunt voegen in de cockpit van het vliegtuig waaruit die bom geworpen wordt. Omdat u deze cursus heeft gelezen begint u de poging daartoe met het insturen van een Meeëter: een stuk waarvan u denkt dat het goed genoeg is voor in PC. Daarin ligt ook direct uw volgende fout: ú kent PC nog helemaal niet, en daarom wordt uw stuk over Annemarie Lekkerkerker in de Correspondentierubriek beantwoord met de opdracht om zelf lekker in een kerker te gaan liggen en te sterven. U belt met de schommel-exploitant maar hij neemt niet op.

U heeft geluk: uw slappe, vol-ge-tik-tokte dendrieten trekken wij viermaal per jaar voor u strak door u een voorzetje te geven: na een meeëterstuk waar een makaak met anoxische hersenschade nog de taalfouten uit zou halen, kunt u uw geluk opnieuw beproeven door mee te doen aan een van onze Prijsvragen. Te beginnen met de Kolomcompetitie: zoals de naam al doet vermoeden is het de bedoeling dat u hiervoor een tekst instuurt waarin u bijvoorbeeld die keer beschrijft dat u door een Scheveningse badmeester uit het water werd gemaand omdat er een witte haai gesignaleerd zou zijn, terwijl het achteraf bleek dat het slechts om Natascha van Weezel ging die de rugslag aan het oefenen was. Kortom: u trakteert ons op een leuke anekdote uit uw dagelijks leven.

Omdat wij ook wel weten dat u een kutleven heeft waarin niets gebeurt, is er een aantal maanden later de Kerstprijsvraag. Tijdens de koude decembermaanden lijmen we uw onderarmen nog nét niet vast aan de polssteun van uw toetsenbord: deze prijsvraag onderscheidt zich doordat wij u de keuze geven uit een aantal diep christelijke zinnen waarvan u er één in uw inzending moet verwerken. Onder de opties begaven zich afgelopen editie: ‘Lisa uit Abcoude wordt bevangen door een unheimisch gevoel.’, en ‘Bij gebrek aan een piek was Frans zelf maar op de kerstboom gaan zitten.’ Als u daar al geen hartverwarmende stichtelijke parabel van kunt kleien, kunt u de literaire satire beter links laten liggen en uw feestdagen besteden aan het gooien van thunderkings naar standvogels.

Omdat u op het Goois Lyceum niks anders heeft geleerd dan racen met een Biro en bieren met racisten, maken we het u bij de Recensieprijsvraag zo makkelijk mogelijk. De opdracht is hier om iets van een beargumenteerde beoordeling te voorzien. De geschiedenis leert dat uw winstkansen exponentieel stijgen wanneer dat iets een boek is, maar wij snappen dat boek voor u niks meer is dan een onomatopee om het geluid mee uit te drukken van de hamer waarmee u uw kaakbotten in een geilere configuratie brengt. Het ligt dus meer in de lijn der verwachting dat u een Roblox-server of een voedingssuplement recenseert, maar dat moet u zelf weten. Uiteindelijk geldt voor elke prijsvraag: schrijft u iets leesbaars en grappigs, dan kunt u winnen. U bent een analfabete mongool, dus deze keer kunt u dat nog niet. 

Misschien heeft u na een korte pauze – waarin u (als het kleine wormpje dat u bent) zichzelf bedolven heeft onder uw eigen secreet – een metamorfose ondergaan tot de literair-satirische dagpauwoog die we zoeken. Dan kunt u misschien hoge ogen gooien bij de P.C. Onthooftprijs. Deze prijsvraag is de schiettent die wij als dienstbare zigeuners elk jaar voor u op de kermis neerzetten. Een voorbehoud is dat u zelf de schietschijf meeneemt: u kiest een lammetje uit en kookt zijn schattige hoofdje gaar in een zo lekker mogelijk Perzisch soepje. En geen te mak lammetje alstublieft: wij hoeven van u niet te horen waarom Tim Hofman aan een kruis en Roel van Velzen aan Tim Hofmans kruis moet worden opgehangen. U kiest een origineel doelwit en fladdert daarbij onderdanig met uw vlindervleugels in de hoop dat we u niet doodslaan.  

Over fladderen gesproken: schrijver Jan Arends probeerde dat, uit het raam van de bovenste verdieping van de OBA, nadat zijn boek Keefman in PC was besproken. De vierjaarlijkse Keefmanbokaal is onze manier om sorry te zeggen. Om deze verschrikkelijke schrikkelbeker mee naar huis te kunnen nemen, zult u de meest geesteszieke inzending moeten schrijven. En, zo mogelijk nog neteliger, de bokaal zelf ophalen bij de vorige winnaar. Waarom dat deze editie extra lastig wordt, vertellen we later wel. 

Op de dag van elke prijsvraagdeadline voltrekt zich hetzelfde ritueel: uw redactie verzamelt zich in het luxe grachtenpand van een literaire grootheid of de betonnen rioolbuis van een hemelbestormende debutant om in een geleerd gezelschap uw inzending grondig te analyseren. Daarbij zuipt zij zo veel dat ze daarna nooit meer in dat grachtenpand of die rioolbuis welkom is, maar gelukkig wel uw tekst en idiote pseudoniem vergeten is. Wie was u ook alweer?

Oh ja, u wilde redacteur worden en non-binairen neuken. Dat tweede gaat niet meer lukken, Lillith is overleden aan hun neppe vrouwenziekte. Uw leven heeft overigens in wel meerder opzichten een verkeerde afslag genomen. U heeft uw eerste semester cum laude afgesloten omdat u Mistral AI heeft geïnstrueerd om het woord ‘colonial’ in elke alinea van uw papers te zetten. De breteldragende flikkers van Boerejongens leggen uw dagelijkse gram lemon haze al op de toonbank wanneer ze u om de hoek zien komen, daar waar het Rembrandtplein overgaat in de Utrechtsestraat. De spiegels waar u nu vooral in kijkt, liggen op uw schoot. Ook vandaag weer liggen de lijnen 3MMC verticaal over uw spiegelbeeld, waardoor het lijkt alsof u achter tralies staat. Van PC heeft u niks meer gehoord sinds ze uw inzending afdeden als: ‘even grappig als de class clown van een zekere meisjesschool in Minab’. Hallo? Spreek ik met A’DAM Lookout? Een schommelticket voor vanmiddag vijf uur, alstublieft. 

Maar dan, er ploft iets op uw mat. U scheurt de nieuwe PC zo snel en agressief uit zijn plasticje dat er een cartooneske stofwolk ontstaat. U blaast de lucht weer schoon rondom de centerfold en ziet uw naam boven de voldoendegrens staan. In de correspondentie is uw naam vermeld met daarachter de woorden: ‘Komt u eens langs’. Behalve misschien ‘de AIDS-test is negatief’, of ‘uw bestelling van Zonnehuis van Marja Pruis is succesvol geannuleerd’, zal u nooit een positiever bericht ontvangen.  

Die vier woorden betekenen namelijk dat u uw reet ondanks uw afgeblazen suïcidepoging toch nog naar het Overhoeksplein mag verslepen. Met een ontdoornde roos en een krat bier wordt u ontvangen door de redactie. ‘Ontvangen’ betekent in dit verband ‘gegooid’, en wel in het diepe. U wordt gevraagd naar uw favoriete Slauerhoffgedicht en om ‘droomregen’ achterstevoren te zeggen. Wij horen u uit over uw geaardheid en al het andere waar u volgens de AVG niet naar gevraagd mag worden. Als de redactie weet hoe homoseksueel, geestesziek en onbelezen het vlees in haar kuip precies is, en voldoende lidmaatschappen van Zuid-Afrikaanse jeugdbewegingen op uw CV ziet staan, valt er een zwaard op uw schouder en mag u zich opmaken voor de komende maanden. 

Hoera, u bent tot Meeloper geslagen. Uw paspoort wordt afgepakt en als een Nepalees in Lilliths (RIP) geboorteland wordt u te werk gesteld. Als lakei van de Emiren der Satire die boven u zijn gesteld, brengt u tweewekelijks de nieuwe editie rond rond en leert u schrijven en grappig zijn – en dus dat het meervoud van emir ‘emirs’ is,  maar dat dat niet uitmaakt. Als u zwaar genoeg wordt bevonden en het meeloperschap met goed gevolg weet af te ronden, begint de mooiste tijd van uw leven.

Uw eerste stuk als redacteur, uw Intree, is de alinea in de bedrijfsbreed verzonden nieuwsbrief waarin u zich als nieuwe medewerker voorstelt aan uw collega’s. Alleen is in dit geval het bedrijf waar u bent aangenomen het hele literaire veld in Nederland en schrijft u niet over uw hond en uw hobby’s, maar over welke jonge schrijvers u letterlijk en figuurlijk gaat neuken. In pakweg tweeduizend woorden kondigt u uw helse plundertocht door de Nederlandse letteren aan op zo’n manier dat een Visigoot er een buiging voor zou maken. Vanaf nu moet u de boekcontracten ontwijken. De Gids smeekt u om kopij. Uw instagram-DM’s stromen vol met naaktfoto’s van vrouwen met een eetstoornis en een slechte band met hun vader. Terwijl uw vrienden van de middelbare school op jaarclubuitje gaan naar Zonnestudio The Glowhouse in de Lange Leidsedwarsstraat, leidt u in uw studio uw lange dwarse naar de gloeiende binnenkant van kunstzinnig meisjes die Zonne heten. Het leven lacht u toe, u bent van uw achtergrond aan het winnen.

Na uw Intree ligt de wereld, kortom, voor u open. U schrijft onthullende exposés over de orgaandiefstal die op industriële schaal plaatsvindt in de kelder van Das Mag. U wordt een ochtend lang belaagd door X-gebruikers met meer cijfers dan letters in hun gebruikersnaam omdat u Lidewij de Vos in uw drieakter laat verkrachten door een moeflon. Heel café de Pels begint te klappen wanneer u binnenkomt, daags na publicatie van uw korte verhaal waarin u Tatjana Almuli zichzelf tot in de oneindigheid een berg op laat rollen. 

Wanneer uw haar grijzer, de zaadcellenconcentratie in uw sperma lager en uw periode als redacteur langer wordt, kunt u niet meer wekelijks met zulke eigenzinnige meesterwerken komen. In de nadagen van uw redacteurschap spreekt u het abonneebestand alleen nog toe vanaf de kansel der vaste rubrieken: in een Hollandsch dagboek kruipt u in de huid van Joris Luyendijk om verslag uit te brengen vanuit de bordelen van Bachmoet. In PC Top-10 en Geestelijk leven laat u zien wat u kunt wanneer de vorm belangrijker is dan de inhoud. In Vox Pop dient u de mening van de straat op aan onze lezers, die daar doorgaans weinig komen. 

Zo belandt u in de eindfase van uw redacteurschap. Eens in de zoveel tijd levert u nog een beeldgrap aan, maar daar blijft het ook bij. Zoals Eva Braun tegen Hitler had moeten zeggen en Prometheus tegen Bas Heijne: op gegeven moment is het wel een keer klaar. U schrijft uw Uitlui en geeft de toorts door. Twee walkuren tillen u aan uw armen naar de Erehemel, waar u tot aan ragnarok de drinkhoorn kunt vullen en kunt zingen over de Lale Güls, de Coen van de Vens, en alle andere groteske reptielen die u met de dubbelkoppigge strijdbijl te lijf bent gegaan. U zult daar in goed gezelschap verkeren: Menno ter Braak gidst u door de catalogus van Mubi tijdens de filmavond, Mensje van Keulen kookt vegetarisch voor u, en Erik van Muiswinkel stopt af en toe cadeautjes in uw schoen. 

Als die namen u niks zeggen en zo’n hiernamaals maar lang klinkt, staat het u vrij om dit Intreenummer af te staan aan iemand die het wel voorbij AVI 4 heeft geschopt. Uiteindelijk kan het ons allemaal niks schelen. Als u er voor kiest om uw studie Bedrijfswetenschappen nominaal af te ronden, vice president van de bastognekoekafdeling van LU te worden, en in net zo’n wanstaltige Chinese kanker-SUV als u moeder naar de horizon te rijden totdat u tussen alle andere naamlozen het onontdekte land bereikt waar geen reiziger uit weerkeert, moet u dat zelf weten. Weet alleen dat er een alternatief was: dat u een aantal jaar lang de tentakels van de literaire satire in uw achteringang toe had kunnen laten en door een hogere macht bestuurd had kunnen worden als mondstuk van alles wat mooi en goed is in dit leven. Ons advies: maak uw anus nat en ga het aan.

de redactie

Archief