Gastbijdrage

Onder de titel Mijn strijd verscheen onlangs de nieuwe vertaling van Mein Kampf (genomineerd voor de Nazi-Literatuurprijs 1926) in het Nederlands. Lange tijd was dit spraakmakende debuut van Adolf Hitler in ons land verboden, maar sinds 2016 zijn de rechten vrijgegeven. Uitgever Mai Spijkers over het belang van zijn nieuwe aanwinst en over hoe hij de concurrentie aftroefde in het confisqueren daarvan.

Mai Spijkers (Goirle, 10 april 1955) werd geboren als Mai Snickelgroeier, maar hij liet zijn achternaam – om begrijpelijke redenen – reeds op jonge leeftijd veranderen. In 1989 startte hij in een krap bemeten kelder in Amsterdam zijn eigen uitgeverij en sindsdien verovert hij in talrijke landen de boekenmarkt.

We worden hartelijk ontvangen in zijn ‘Promethuis’, zoals Spijkers’ vorstelijke vakantienestje op een bergtop in het zuiden van Duitsland heet. Het is een plek waar hij naar eigen zeggen “lebensraum vindt” en waar geregeld goede vrienden en vakbroeders over de vloer komen. De succesvolle uitgever laat zich tijdens ons bezoek vergezellen door een vrouwelijke publiciteitsmedewerker en aan zijn voeten ligt een vrolijk kwispelende herdershond, die voortdurend nederig aan zijn schoenen likt.

Wanneer vernam U voor het eerst dat de rechten werden vrijgegeven?

‘Ik was in Engeland en luisterde naar een bericht op de Nederlandse radio. Op zo’n moment leert de geschiedenis dat je onmiddellijk in actie moet komen. Dat je de concurrentie als het ware met een Blitzkrieg moet overrompelen. Ik vloog nog diezelfde dag naar Duitsland, waar we op een mooie vergaderlocatie aan een meer in slechts twee uur onderhandelen met alle betrokkenen tot een finale oplossing kwamen.’

Mai Spijkers neemt ons mee naar het balkon van zijn villa. Onder het genot van een apfelstrudel met slagroom smullen we van het uitzicht. ‘Mano, afgelopen nu!’ beveelt hij de hond die zich direct weer likkend op zijn schoenen stort als we gaan zitten. ‘Geen snugger beest,’ fluistert Spijkers ons toe, ‘maar we hebben hem jaren geleden bij zijn familie weggeplukt, toen we er een nodig hadden, en nu zitten we ermee.’

Terug naar uw boek. Het omslag is sober en bruin als een oud hemd. Vindt u dit geen gemiste kans?

‘Kijk, ik had natuurlijk dolgraag een portret van de auteur op de achterflap gezet, maar dat bleek helaas verboden. Ook een swastika, commercieel gezien toch een symbool met een bewezen aantrekkingskracht, is nog altijd onwettig. Ik denk dat we in ons kikkerlandje nog niet klaar zijn voor het Gesundes Volksempfinden.’

Er zit natuurlijk wel een reden achter, waarom dat verboden is.

‘Dat zal best an sich, maar als men de rechten op het boek vrijgeeft, dan zeg ik: maak het dan meteen in zijn geheel salonfähig. Op deze manier loop je een uitgever namelijk behoorlijk voor de voeten. Stel je toch eens voor dat ik Vijftig Tinten1 zou uitgeven maar de anaalballetjes niet mochten worden verkocht. Een onwerkbare situatie voor onze merchandise-afdeling.’ Zijn publiciteitsdame schiet hem bij:  ‘Briljante ideeën als een Hitlermok of een SSleutelhangertje konden inderdaad na de eerste brainstorm gelijk in de prullenbak.’

Spijkers lijkt zich plots iets te binnen te schieten: ‘O, kun jij trouwens nog even achter die auto aangaan?’ Al bellende verlaat zijn medewerker het balkon.

‘Je ziet, het werk gaat zelfs in het Promethuis gewoon door,’ zegt Spijkers. Om daarna ambitieus te vervolgen: ‘Toen ik las dat die Buwalda voor zijn boekpromotie met een reclameauto het land intrekt, dacht ik: misschien kunnen wij de komende maanden met een Mercedes 770K Grosser Offener Tourenwagen2 door Nederland gaan. Beter goed gejat dan slecht bedacht, denk ik dan.’

Daar heeft u gelijk in, en dat brengt ons gelijk weer bij uw vertaling. Mijn strijd ligt nu enkele weken opgestapeld tussen de bestsellers in de boekwinkels. Wat vindt u van de kritiek dat het een slecht idee is om de uitgave zo makkelijk beschikbaar te stellen?

‘Ik vind het als uitgever en boekenliefhebber belangrijk dat in een tijd waarin het rechtsextremisme overal in Europa opbloeit, er een handboek voor de doelgroep in de winkels ligt. De bekende kwestie van vraag en aanbod. Voor mezelf is het daarnaast een grote aha-erlebnis, want zo ging het destijds ook bij Vijftig Tinten3. Er was een enorme behoefte aan een boek dat ons uit de seksuele dip haalde, en zoiets is natuurlijk ook op het sluimerende fascisme van toepassing. En om dat laatste in het perspectief van onze tijd te zien, hebben we wat verklarende inleidingen aan het boek toegevoegd4.’

Maar volgens critici bladeren nieuwsgierige en onervaren lezers deze inleidingen snel door. Men wil meteen naar de sensatie, naar de woorden van Hitler, zoals men ook bij het kijken naar een seksfilm het kennismakingsgesprek met de loodgieter overslaat. Het ontbreken van voetnoten als zorgvuldige duiding zien velen als een historische vergissing.

‘Daar gaan we weer. Zoals ik in een televisie-interview al stelde5 kunnen lezers die het boek serieus willen begrijpen de Duitse vertaling6 met al die minuscule rotlettertjes raadplegen. Voor de liefhebber staan er 3700 in. Je moet er maar zin in hebben, denk ik dan. Voor mij leiden voetnoten alleen maar af van de gedachte van het centrale verhaal. Ik streef naar bladzuiverheid.’

Heeft u nog andere namen overwogen dan Mijn strijd?

(lachend) ‘Mein Bankrekening kon binnen de uitgeverij op aardig wat stemmen rekenen. Die zouden we dan op het omslag communiceren zodat de lezer meteen wist waar de opbrengst naartoe zou gaan.’

Het boek kost vijftig euro7– vanwaar die hoge prijs?

‘Ja, we waren eerst van plan om het bedrag tussen de veertig – vijfenveertig euro te houden, dat vond de publiciteitsafdeling ook wel geestig, maar die extra euro’s bleek ik toch nodig te hebben om mijn nieuwste project vorm te gaan geven…’

En dat is?

‘Ik kan en wil daar helaas nog niet al te veel over zeggen, maar ik heb altijd al een droom gehad om een groot vakantieparadijs aan de Noordzee te bouwen.’

Heeft U tot slot zelf eigenlijk iets met Hitler of die periode uit onze geschiedenis?

Misschien alleen dat ik op 10 april8 ben geboren. We hebben nog gekeken of we daar iets mee konden in de promotie, maar het was natuurlijk pas echt kassa geweest als ik tien dagen later9 ter wereld was gekomen… (lachend)… Dan hadden we het Mai Kampf genoemd!

Eva de Bruin en Gaston Kamerling


Grijs

2 De auto van Hitler, ook wel bekend als de Führerbumper

3 Grijs

4 Historicus Willem Melching heeft de hoofdstukken van inleidingen voorzien

5 Bij Nieuwsuur, Uitzending 4-9-2018

6 Wetenschappelijke vertaling verschenen in 2016

7 Het boek kost 49,99 om precies te zijn

8 De dag dat de Oostenrijkers met een overgrote meerderheid goedkeuring gaven aan de Anschluss.

9 Op 20 april werd auteur Adolf Hitler geboren, verantwoordelijk voor de moord op 6 miljoen joden. De vertaling van Spijkers staat momenteel op plek 3 in de Bestsellerlijst.

Ik begon in 2006 te studeren in Amsterdam. Dat is nu twaalf jaar geleden. Ik had me dat nooit zo gerealiseerd, tot ik dit stukje ging schrijven. Twaalf jaar. Dat is niet ‘een paar jaar geleden’, dat is gewoon echt officieel ‘vroeger’.

Want ik kan jullie vertellen: Amsterdam was in mijn tijd een heel andere stad. Er was geen Noord-Zuidlijn, om maar eens iets te noemen. Dat kunnen jullie je nu niet meer voorstellen, maar die was toen pas 362 jaar in aanbouw, dus nog lang niet af. Als je naar Noord wilde moest je achter het station gaan staan en drie keer op je vingers fluiten, dan kwam er een sloep met een norsige man in een streepjestrui die vroeg: wat mot je? En dan moest je zeggen: ik wil graag naar Noord, meneer. En dan zei die vent: zes florijnen. Want daar betaalden we mee. Niks geen bitcoins. En voor zes florijnen was je dan in Noord. Al was de vraag wat je daar te zoeken had, want Noord was nog helemaal niet hip. Dat was toen nog gewoon Zaandam-Zuid. Paar verlaten fabrieken en één aftandse supermarkt, waar alles over datum was.

Ja, twaalf jaar is een lange tijd.

Ik had bijvoorbeeld woonruimte. Betaalbare woonruimte. Dus je hoefde niet met 5 man in een bedstee voor 1400 euro per maand, welnee, ik had gewoon een appartementje, met een eigen keukentje, en een slaapkamer, en een woonkamer, en twee badkamers, en een kelder, en een fietsenschuurtje, en drie balkons, twee filmzalen en een dakterras. Dat kon toen nog gewoon. Gedeeld toilet, dat wel, maar je kan natuurlijk niet alles hebben.

Ja, het is bijna ongelooflijk hoeveel er in twaalf jaar tijd kan veranderen. Je mocht buiten staan met een glas. Dus dan bestelde je wat te drinken in de kroeg, en dan mocht je dat mee naar buiten nemen. Stond je gewoon op de stoep met een biertje. Even frisse lucht halen. Want binnen werd natuurlijk altijd gerookt.

En nog nauwelijks toeristen. Amsterdam was nog niet ontdekt. De rij voor het Anne Frankhuis kwam hooguit tot Amstelveen, meer mensen kwamen er gewoon nog niet op af. Je werd hooguit eens per vijf minuten omver gereden door iemand op een huurfiets. Ging nog heel rustig allemaal. Rondvaartboten dreven leeg en doelloos door de grachten. Je kon ’s nachts op het Leidseplein een speld horen vallen. Al was dat meestal een naald, want drugs hadden we al wel.

Ja, het was een andere tijd. Een andere stad. Al kan het zijn dat ik het inmiddels een klein beetje geromantiseerd heb. Maar ja. Het is immers ook alweer twaalf jaar geleden.

Pieter Derks

Ook ’n mooi verhaal op de plank?

Doe mee aan de KOLOMKOMPETITIE.

Maandag

Er gebeurde een hoop vandaag! Ik heb op het mediapark geluncht met een paar meiden van achter de schermen. Een voorbijganger riep: ‘Hey Dionne!’ Een van de meiden zei: ‘Dat is Dionne niet, ze lijkt er alleen op!’ Die jongen zo van: ‘Huh? Oké, apart.’ Hij trapte erin!!!
Ik kwam niet meer bíj! Hahaha! Lady Di deed dat ook vaker, zeggen dat ze Lady Di niet was als mensen haar herkenden. Die vrouw had zóveel humor, ook daarin echt een voorbeeld. Net hele mooie pumps online besteld bij Omoda. Ze zijn van leer en hebben een gaatje waar je grote teen uit komt piepen. Best sexy. Nou ja, je moet ze eigenlijk zien. Misschien plak ik later nog een foto hier.

Dinsdag

Ik had lange tijd niks van Humberto gehoord na het hele debacle in de media, maar ik kreeg net een appje van hem. Ik was heel even bang dat hij zou schrijven dat hij toch weg is bij zijn vrouw. Ik merk dat ik hem aantrekkelijker vond toen Late Night nog een begrip was en hij niet om de haverklap zijn tranen liet zien. Maar hij schreef gelukkig alleen dat hij vindt dat ik het programma Onschatbare waarde naar een hoger niveau til door gewoon mezelf te zijn. Hij eindigde met een klavertje vier en een smiley met een kusje. Dat vond ik wel heel lief. Ik stuurde ‘Dankjewel!!!’ terug en een smiley die zo met zijn ogen rolt en zijn tong uitsteekt. Haha!

Woensdag

Ik ben zo’n mooi boek aan het lezen: Ikigai van Francesc Miralles.  Volgens de Japanse traditie heeft iedereen een Ikigai, een reden van bestaan. Nu ik het opschrijf krijg ik weer kippenvel. Ik denk dat mijn reden van bestaan winkelen is. En het nieuws voorlezen. Door het nieuws besef ik hoe goed wij het hebben hier in Nederland. Mensen kunnen zo klagen, maar we leven in enorme rijkdom. Sinds ik weet hoeveel kinderarbeid er plaatsvindt, koop ik ook niets meer bij H&M en Zara, maar bij Asos en Topshop. In de laatste uitzending van Onschatbare Waarde had ik een heel mooi wikkeljurkje aan van Asos. Een van de antiekhandelaren zei toen ik alleen met hem in de kamer was: ‘Ik zou je er wel eens hardhandig uit willen wikkelen.’ Had het niet van hem verwacht. Hij heeft gewoon een vrouw. Niet zo leuk. Mannen zijn volgens mij echt allemaal hetzelfde.

Donderdag

De pumps zijn binnen! Whaaaaa hahaha!! Weet je wel, die pumps die ik bij Omoda had besteld. Ze zijn net ietsjes te klein, maar 42 was hun grootste maat. Ik ga volgende week vrijdag al met zussie Carlota naar Puglia, niet zo’n zin ze nu nog terug te sturen. Mijn zus is trouwens echt knettergek, haha! Appt ze net: ‘Eens kijken hoe jouw blonde lokken het doen in Zuid-Europa.’ Ze zei laatst dat ze bijna haar trots niet kan verbergen als mannen zeggen dat ik hun ideale vrouw ben. Laatst hoorde ze op een terras een groep wielrenners zeggen dat ze ‘die Dionne Stax wel zagen zitten.’ Dat is natuurlijk wel heel vleiend en vooral heel onwerkelijk, haha!’ Carlota vond het alleen niet zo leuk toen eentje – de dikste van het stel- hardop had gefantaseerd wat hij met me zou willen doen. Ze wilde het pas zeggen toen ik zei dat ik haar in Puglia anders de kieteldood zou geven. Ik had het misschien inderdaad liever niet willen weten. Hij zei dat hij me heel graag met alleen hakken wilde zien, verder niets. Serieus, wie verzínt zoiets pervers?

Vrijdag

Vandaag lekker geborreld met het team om de week af te sluiten. Ik baalde een beetje van de rekening aan het eind. Iedereen had gin tonics gedronken met kruidnagel en sinaasappel enzo, en ik had één ice tea green gedronken waar ik bewust heel lang mee deed (Ik moet morgen namelijk al om 13 uur naar Brabant voor de verjaardag van ons mam). En toen stelde de visagiste voor dat we gewoon konden splitten. Beetje stom dat niemand opmerkte dat ik bijna niks had gedronken. Ik heb samen met Carlota een hightea-tegoedbon gekocht voor mamsie in het Amstel. Zowel mams als Carlota is daar nog nooit geweest, dus dat wordt heel bijzonder. Lekker decadent doen, hihi!

Zaterdag

Ik heb heerlijk uitgeslapen tot half zeven. O, ik was zo moe! Heb Ikigai uit. Ga nu beginnen in de nieuwe van Hendrik Groen. Ik heb iets met oude mensen, kweeniet. Verder ben ik alvast vragen aan het verzinnen voor Koningsdag 2019. Kan het maar beter nu doen dan op het laatste moment. Twee vragen voor Willem Alexander die ik héél graag wil stellen: ‘Hoe is het om vergezeld te worden door drie prachtige dochters?’ Zooo benieuwd wat ie daarop antwoordt! En: ‘Heeft u een leuke dag?’ Zin in!!!

Zondag

Mam had een geweldige verjaardag! We zaten allemaal in de tuin. Pap had nieuwe kussens gekocht voor de tuinstoelen. Riet was er ook, voor het eerst sinds de scheiding. En oom Roel was er. Ik dacht meteen: zou hij het dit jaar weer doen? En ja hoor, toen ik naar de keuken liep om een stuk taart te pakken kreeg ik weer een klets tegen mijn kont. ‘Zoude gij dat wel doen?’ vroeg ie. ‘Dat kunde net zo goed meteen op uwe dijen smeren!’ Hij kreeg bijna een hoestaanval van het lachen. Volgens mij heeft mams er iets van gezegd, want later bood ie zijn excuses aan, maar toen ik wegliep kreeg ik wéér een klets. Morgen begint lekker de werkweek weer, na twee dagen niks doen kijk ik daar altijd enorm naar uit. Yeahhhhh!!! Hahaha!

Dionne Stax

Wie het interview met Arie Boomsma in Volkskrant Magazine heeft gelezen weet dat het niet goed gaat met de fitness-evangelist. Zelf zegt hij dat het beter met hem gaat dan ooit, maar al die squats de hele dag, dat moet wel dienen om iets te onderdrukken. Toch is Arie altijd bereid om zowel geestelijke als fysieke raad te geven.

 

Beste Arie,
Ik ben vluchteling. Ik ben helemaal van Syrië naar Nederland lopen in karavaan. Ik dacht hier leven opbouwen, maar mensen zij binden varkens aan boom en zij gooien stenen door mij raam. Mij vrouw en kinderen zij zijn bang dat Nederlanders niet gastvrij zijn als wij dachten. Help mij.
Tarek Abboud

 

Lieve Tarek,
Dat is nog eens een goede oefening voor je kuiten, zo’n mars vanuit Syrië! Ik zou als ik jou was niet bij de pakken neer gaan zitten: die stenen kun je uitstekend gebruiken. Door zo’n kei te deadliften train je niet alleen je been- en bilspieren, maar ook grote groepen spieren in je rug, armen en schouders. Zelf lift ik graag als ik even op zoek ben naar de goede woorden. Tijdens het schrijven van dit antwoord heb ik al drie rondes van tien keer achter de rug!
Arie

 

Beste meneer Boomsma,

Net als u heb ik altijd veel hoop geput uit het geloof. Van u begrijp ik dat: God lijkt u op geen enkele manier tegen te werken in de dingen die u onderneemt. Zelfs uw homoseksuele neigingen weet u met hulp van boven ogenschijnlijk moeiteloos te onderdrukken. Hoe anders is dat voor mij? Ik heb een gemene vrouw en een diep ongelukkige, gehandicapte zoon die nooit zal leren lopen. Wat heb ik fout gedaan? Is dit rechtvaardigheid volgens de Heer?

Een gelovig man

 

Lieve medegelovige,Niet zo sip! Gods wegen zijn ondoorgrondelijk. Mijn nieuwe boek Fit (€19,99) daarentegen niet. Ik begrijp uit je brief dat je zoon in een rolstoel zit, maar is er ook iets mis met zijn armen? Druk die jongen een paar gewichtjes in zijn handen! Kun jij hem ondertussen al joggend vooruit duwen. Blijf vooral bidden, twintig weesgegroetjes per dag die je beurtelings aanvult met een reverse lunge en een diepe squat. Veel sportplezier!

Arie

 

Hoi Arie,

Ik probeer iedere week minstens drie keer langs de GGZ te gaan, en richt me dan altijd op verschillende onderdelen. Maandag zit ik bij de gespreksgroep borderline, woensdag doe ik therapeutisch kartonprikken en vrijdag speel ik Cluedo op de psychotische afdeling. Verder let ik op mijn voeding: ik ontbijt met een lithiumshake, lunch met een flink bord citalopram en trazodon, slik de hele dag door clozapine en klap voor het slapengaan de nodige pammetjes. Toch heb ik er vorige week nog een diagnose bijgekregen: een dwangneurose. Is het dan nooit genoeg? Moet ik de hele DSM afwerken? Graag hoor ik hoe jij mijn problemen zou oplossen.

Groetjes,

een verward persoon

 

Hoi verward persoon, wat vervelend nou allemaal. Dwangneuroses zijn bijna net zo naar als hamstringblessures. Het goede nieuws is dat je ze prima kunt bestrijden met mijn fitnessregime. Leg om te beginnen een halter onderaan de trap. Daarmee ga je voortaan bij iedere tree eerst tien keer een upright row doen, en dan tien keer een military press. Als je terug moet doe je hetzelfde, maar dan van onder naar boven! Koop vervolgens een flink zware kettlebell, doe hem in je tas en neem hem overal mee naar toe. Voordat je iemand gedag zegt ga je voortaan eerst 25 swings doen met die kettlebell. En niet smokkelen hè: zowel met links als met rechts. Geleidelijk kun je het schema uitbreiden met oefeningen onder de douche, in bed en op de WC. Als het je te ver gaat vraag je jezelf: wil ik nou van die dwangneurose af of niet? Wees systematisch, consequent en onverbiddelijk, dan ben je voor je het weet weer zo gezond als een vis.

Arie

‘Dit is Haydn, duifje’ zei ik, terwijl ik met mijn linkerhand door de haardos van mijn vriendinnetje kamde.

Ze pruilde haar opgespoten onderlip. Ik wist zeker dat ze een vulgaire Italiaan wilde horen, net als de vorige keer. Vivaldi misschien, of Rossini. Zoals op alle momenten van moedeloosheid schoot me meteen een citaat van Houellebecq te binnen. ‘Hoe heet het vet rondom de vagina? De vrouw.’ Ja, good old Becqy. Chroniqueur van de ondergang van het avondland. De mens is een stompzinnig schepsel. De beschaving heeft ons Sophocles gegeven, Brahms en Nietzsche, en wat doet de mensheid? Zij luistert naar Drake en loopt rond op afzichtelijk Amerikaans schoeisel. Absque omnis exceptionibus.

Ik besloot haar te straffen met Schoenbergs Drei Klavierstücke. Een beetje atonaal, maar nog net lekker fin de siècle. Precies goed genoeg om meisjes mee te martelen zonder daarbij mijn eigen gehoor te verzieken. Bestonden er vrouwen met wie je langer dan vijf minuten op onderhoudende wijze over componisten kon spreken? Nee, en dat kwam omdat ze altijd direct over Chopin begonnen, alsof er buiten die epileptische tuberculoselijer om niemand in staat was geweest het notenschrift te hanteren. Aures habere et non audire.

Ik boog me voorover en sloeg de toetsen buitensporig hard aan. Maiorus cede! Vanuit mijn ooghoek zag ik hoe mijn Florentijnse schoonheid ineen kromp. Ze had een draak van een ziel – volkomen aangerand door deze lege, liefdeloze tijd – die in een uitzonderlijk geslaagde mal was gegoten. Het product van eeuwenlange inspanningen van haar voorouders om zo goed mogelijk te trouwen, de bloedlijn vrij te houden van schadelijke invloeden, het familiefortuin te bewaken en de jongens op Grand Tour te zenden, was tenietgedaan, het was in één generatie bedorven, en dat allemaal door de jaren zestig! Crimine ab unus discus omnes.

Ik sloeg de toetsen aan alsof ik een ongehoorzame hond afroste. Mijn blik gleed over het notenschrift. Die Tasten tonlos niederdrücken! Ik drukte het pedaal naar beneden alsof ik een Ferrari reed. Etwas flüchtiger! Ik beeldde me in dat de toetsen haar clitoris waren en liet mijn nagels over het ivoor krassen. Het stuk duurde dertien gelukzalige minuten. Al die tijd lag ze met opgetrokken knieën en halfopen mond op zijn vloer, ijskoud en levenloos als een aangespoelde zeebaars. Nemo mi impune lacessit! Undique periculae nostrum imminentus! Vitus brevis est, longa arte!

Van elk waarheen bevrijd verschijnt juni 2018 in het Frans, Latijn en Hoogduits.

 

Irae furor brevus estis? Participeer aan het PC-ONTHOOFTCONCOURS.

Archief