Het zal u niet ontgaan zijn: Joost Zwagerman, schrijver, essayist, kunstliefhebber, mediapersoonlijkheid en al tijden onze bureaublad-achtergrond cq kwelgeest, is door eigen toedoen overleden. Propria Cures heeft juist de mensen die ze graag de maat neemt het liefst lang en gezond levend, dan hebben we immers wat te schrijven, en de redactie betreurt het dan ook zeer dat Zwagerman niet meer onder ons is. Ons medeleven gaat uit naar zijn familie en vrienden, hoewel die daar uit onze mond vast niet op zitten te wachten.

 

De redactie gaat zich hier niet belachelijk maken door een hypocriet stuk te schrijven waarin Zwagerman wordt geroemd om alle fantastische dingen die hij bij leven gedaan heeft, enkel en alleen omdat ook wij zijn zelfverkozen dood bijzonder tragisch vinden. Niemand zou moeten worstelen met zoiets afschuwelijks als een depressie die uiteindelijk zo hevig blijkt, dat het beëindigen van je eigen leven als de enige zinvolle optie gaat voelen.

 

Vanwege zijn veelvuldige, eigenzinnige aanwezigheid in alle media en zijn temperamentvolle liefde voor de polemiek was Zwagerman een vruchtbaar, maar moeizaam onderwerp voor PC. Dat de aan Zwagerman bedeelde erfopvolging een verspreking van Mulisch was, laat niet onverlet dat hij desondanks in dit blad toch een beetje de plek van ome Har innam. De vriendschappelijke animositeit tussen PC en Mulisch was echter niet de soms grimmige verstandhouding tussen PC en Zwagerman, een gegeven dat we graag anders hadden gezien.

 

Wij hebben Joost Zwagerman leren kennen als een getroubleerde man, even heetgebakerd als gepassioneerd, die tegelijk extreem onredelijk en extreem redelijk kon zijn. Hoe onredelijk hij zijn kon, laten we hier verder onbesproken, maar wanneer hij bijvoorbeeld verzuchtte, dat hij zo graag had gezien dat we ons minder tegen zijn persoon en meer tegen zijn werk richtten, was dat een appèl waar de redactie natuurlijk ook de zin wel van inzag. De redactie vindt het sympathiek dat er met het verscheiden van Zwagerman  in de vorm van De stilte van het licht toch nog stof voor toekomstige stukken is aangeleverd, zodat we de daad binnenkort bij het woord kunnen voegen.

 

Toen Harry Mulisch overleed, heeft Propria Cures een extra editie uitgegeven, die geheel in het teken van De Neus stond. Bij dezen laat de redactie weten dat er enkele uitstekende grappen zijn gesneuveld om deze voorpagina volledig in te ruimen voor dit in memoriam, maar dat de rest van dit nummer, dat al af was toen het treurige nieuws ons bereikte, ongewijzigd is gebleven. Ook in de nabije toekomst gaan wij geen Joost Zwagerman-nummer maken.

 

Wie hierdoor al te zeer is teleurgesteld, kan het katern over De Kin teruglezen, dat in 2011 verscheen. Daarin schreef de toenmalige redactie onder andere de volgende, naar nu blijkt in meerdere opzichten profetische woorden:

 

“Joost Zwagerman is een alleskunner die van geen wijken weet, zijn productiviteit kent geen grenzen en wanneer hij een bad neemt, wat hij vaak doet, want hij is zeer hygiënisch, dan kan men van het restwater een elixer brouwen waarmee de eeuwige wijsheid kan worden verkregen. Speciaal om deze boodschap uit te dragen is er de Z. Een eenmalig katern waarmee de redactie van Propria Cures een hommage brengt aan de schrijver die het meer dan wie dan ook verdient om serieus genomen te worden. Noem het een introductie, noem het een eerbetoon. Maar lees het als een viering van zijn leven.

 

P.S.: die Anil Ramdas, dat is pas een lul.”

 

Joost, het was ons een dubieus genoegen. Het spijt ons dat verdere Zwagermanpolemiek zowel van jouw kant als de onze de wereld voorgoed bespaard zal moeten blijven. Blijf ons vooral mailen vanuit het hiernamaals.

 

 

de redactie

 

Archief